Veel mensen denken dat kattentraining iets is voor geduldig ingestelde mensen met een uitzonderlijk meegaande kat. Of dat het uren kost, speciale kennis vereist, en eigenlijk alleen werkt als je er jong mee begint.
Dat klopt niet.
De eerste stap in kattentraining is simpelweg dit: pak tien kleine voertjes en geef ze één voor één aan je kat. Dat is het. Meer heb je vandaag niet nodig om te beginnen. Dat moet jouw kat ook kunnen toch?
Kunnen katten getraind worden?
Ja. Zonder twijfel.
Het hardnekkige idee dat katten ontrainbaar zijn, komt waarschijnlijk voort uit de vergelijking met honden — die van nature meer gericht zijn op samenwerking met mensen (daar zijn ze letterlijk voor gefokt). Dat sluit echter niet uit dat katten te trainen zijn. Het zijn alleen geen mini-honden.
Katten zijn naast jagers ook prooidieren. Dat betekent dat waakzaamheid voor hen een overlevingsinstinct is — een kat die blindelings iemand volgt zonder zijn omgeving te beoordelen, maakt zichzelf kwetsbaar. Daarom is voorspelbaarheid, keuzevrijheid en routine een must als je katten wilt trainen.
Wat katten wél zijn: buitengewoon slim, uiterst goed in het herkennen van patronen, en heel erg gemotiveerd als er iets voor hen te halen valt.
Dat blijkt ook wel. Je kat weet precies welk geluid de voertjeslade maakt. Hij kent het verschil tussen jouw jas pakken voor de supermarkt en voor de dierenarts. Hij heeft geleerd dat miauwen voor de slaapkamerdeur een vroeg ontbijt oplevert. Dat is geen toeval — dat is training. Alleen ben je je hier vaak nog niet bewust van.
Zodra je dat bewust gaat doen, met structuur en de juiste motivatie, zul je zien hoe snel je kat nieuwe dingen oppikt. Katten van alle leeftijden en karakters zijn trainbaar — van een jonge kitten tot een voormalige zwerfkat van 14 jaar oud.
Video: In deze compilatie zie je wat mijn katten Noor en Ivy hebben geleerd via training: van in de reismand stappen tot medicatie innemen.
Wat is kattentraining eigenlijk?
Meer dan trucjes leren
Als mensen aan kattentraining denken, zien ze een kat die zijn pootje geeft of door een hoepel springt. Dat kán, maar het is niet waar het om draait.
Training gaat voor mij om meer dan het resultaat — om de nagels die zonder gedoe geknipt worden, of de kat die eindelijk rustig in de reismand zit. Het gaat om je kat voorzien in zijn behoeften. Om een relatie opbouwen waarbij jouw kat jou vertrouwt, jij jouw kat begrijpt, en jullie samenwerken in plaats van dat jij iets probeert te bereiken en je kat dat probeert te vermijden.
Mijn definitie van training is dan ook:
een bewust proces waarbij gedrag én emoties worden versterkt via wederzijdse communicatie, om het welzijn van het dier te bevorderen.
Die definitie is belangrijk, omdat hij precies beschrijft wat training anders maakt dan africhten. Het gaat niet alleen om wat je kat doet — maar ook om hoe je kat zich daarbij voelt. Een kat die iets doet uit angst voor gevolgen, is niet getraind. Een kat die iets doet omdat hij weet dat het loont en hij er zelf voor kiest — dat is training.
Positieve bekrachtiging: de basis van alles
Kattentraining werkt op basis van positieve bekrachtiging: gedrag dat beloond wordt, wordt herhaald. Gedrag dat niets oplevert, verdwijnt vanzelf.
Dat is geen theorie — het is hoe iedere kat al zijn hele leven leert. Door het bewust te gebruiken, neem jij het stuur over van wat je kat leert.
Het omgekeerde geldt net zo sterk: straffen en corrigeren werken averechts. Niet omdat het zielig is, maar omdat het de behoefte van je kat niet heeft verandert. Je kat krabt aan de bank omdat hij een behoefte heeft — het aanscherpen van nagels, het rekken van spieren, het markeren van zijn territorium. Als je hem wegjaagt of bespuit, onderdrukt dat het gedrag op dat moment. Maar de behoefte blijft. En dus zoekt je kat gewoon een andere plek. De deurpost. De vloerbedekking. De gordijnen.
Straffen lost daarom niets op — het verplaatst het probleem alleen, en beschadigt ondertussen het vertrouwen dat je nodig hebt om überhaupt samen te kunnen werken.
Lees meer over waarom dit zo werkt in Kattengedrag begrijpen: waarom jouw kat doet wat ze doet.
Wat je kat eruit haalt — en jij ook
Training voorziet in echte behoeften van je kat: mentale uitdaging, voorspelbaarheid, en controle over zijn eigen omgeving. Een kat die regelmatig traint is doorgaans rustiger, zelfverzekerder en makkelijker in de omgang — niet omdat je hem hebt gevormd naar jouw ideaal, maar omdat zijn behoeften beter worden vervuld.
Voor jou betekent het: een kat die meewerkt bij zorghandelingen, die minder stress ervaart bij de dierenarts, en waarbij de dagelijkse dingen — nagels knippen, kammen, in de reismand, pil geven — een stuk soepeler gaan.
En dat is precies waarom cursisten al binnen twee weken merken dat de band met hun kat gegroeid is. Door samen te werken, meer plezier samen te hebben, en je kat beter te leren observeren en begrijpen — en door je kat niet langer te hoeven straffen, corrigeren of dwingen — kan het ook niet anders dan dat jullie relatie versterkt.
Trainen is ook gewoon leuk. Samen iets opbouwen met je kat is een heel andere ervaring dan naast je kat leven.
Voor wie is kattentraining geschikt?
Voor iedereen.
Zoals ik al zei: katten leren altijd, of je er nu bewust van bent of niet. Beter kun je de regie in handen nemen en je kat gedrag aanleren dat je graag wilt zien, dan dat je onbewust je kat gedrag leert dat je liever niet wilt zien.
Of je nu net een kitten hebt die je direct een goede start wil geven, een volwassen kat hebt geadopteerd en die vertrouwensband wil opbouwen, of al jaren dezelfde kat hebt maar nieuwsgierig bent geworden naar wat er mogelijk is — training sluit aan bij waar jullie nu zijn.
Ook als je eerder al eens geprobeerd hebt en het niet goed werkte: vaak ligt dat aan de opbouw, de timing of de voerbeloning die je gebruikte — niet aan jouw kat.
Dat de Challenge katten van alle leeftijden en karakters aankan — inclusief angstige katten en voormalige straatkatten — laat de reactie van Marjolein goed zien:
“Zelfs de moeilijkste katten zijn te trainen. En met de begeleiding van Judith kan het niet mislukken. Echt een aanrader om sowieso een nog betere band met je kat te krijgen.”
— Marjolein
Wat heb je nodig om te beginnen?
De juiste voerbeloning
Motivatie is het fundament van training. Zonder iets wat je kat écht wil, is er geen training.
Dat hoeft geen speciaal snackje te zijn — veel katten reageren uitstekend op kleine stukjes kip, een likje natvoer, of gewoon hun reguliere brokjes. Wat telt: de voerbeloning moet klein zijn (denk aan een halve erwt), snel op te eten, en iets wat je kat écht lekker vindt.
Test het. Bied je kat iets aan en kijk hoe snel hij reageert. Dat enthousiasme is je kompas.
Een rustige plek en een goed moment
Trainingssessies zijn kort — twee tot vijf minuten is meer dan genoeg, zeker in het begin. Dat is bewust: een kat die nog wil als je stopt, komt de volgende keer gemotiveerder terug.
Wanneer en waar je traint verschilt per huishouden en per kat. De beste momenten zijn vaak wanneer je kat uit zichzelf om aandacht of eten komt vragen — dan is de motivatie al aanwezig. Waar je traint hangt af van waar je kat graag verblijft en wat jij praktisch vindt.
Heb je meerdere katten of andere huisdieren? Dan speelt dat ook mee. Je ontdekt vanzelf wat voor jullie werkt — gewoon door te beginnen.
Wat betreft hoe vaak: dat mag je zelf bepalen. Een dagelijks momentje helpt om een routine op te bouwen, maar een dagje overslaan is geen probleem. En meerdere keren per dag? Ook prima — zolang jij en je kat er plezier aan beleven.
Een clicker — handig, maar niet verplicht
Een clicker is een hulpmiddel om het exacte moment van goed gedrag te markeren. Dat maakt trainen sneller en duidelijker voor je kat, maar het is geen vereiste om te beginnen.
Je kunt ook een kort, helder woord gebruiken — “ja” of “goed” — zolang je het consistent op hetzelfde moment inzet en er direct een voerbeloning op volgt.
Wil je meer weten over hoe je een clicker inzet? Lees dan Clickertraining voor katten: zo werkt het.
De eerste stap: zo begin je vandaag nog
Dag 1 van kattentraining ziet er zo uit:
Pak tien kleine voertjes. Ga zitten op een rustige plek. Wacht tot je kat in de buurt is — ga hem niet achterna. Geef hem dan, één voor één, alle tien voertjes. Geen opdracht, geen verwachting. Gewoon tien voertjes.
Dat is het.
Wat je hiermee doet: je bouwt een positieve associatie op met jou als bron van iets goeds. Je kat leert dat aandacht van jou loont. Jij leert welke voerbeloning werkt, hoe snel je kat reageert, en hoe hij zich gedraagt in zo’n één op één situatie. Dit is de basis van alles wat daarna komt.
Video: Dag 1 van de Train-je-Kat Challenge — het voermomentje – een kort, rustig voermomentje zonder opdrachten of verwachtingen. Zo eenvoudig begint training.
Hoe weet je of het werkt? Net als bij mensen versterken routines en leermomenten zich met herhaling. Na één training merk je misschien nog niets. Maar doe je dit twee, drie, vier dagen achter elkaar? Dan zie je mogelijk al dat je kat komt aanrennen zodra hij ziet dat je wil gaan trainen. Dat hij in je buurt blijft en elk voertje aanneemt. Dat hij je verwachtingsvol aankijkt als je niet snel genoeg het volgende voertje geeft. Dat is het begin van een routine — en van samenwerking.
Wat als je kat niet reageert? Dat kan. Probeer het op een ander moment nog eens, met een andere voerbeloning, of op een rustigere plek. Trainen is een ontdekkingstocht. Voel vooral geen druk — als je kat wegloopt, is dat ook waardevolle informatie. De omstandigheden kloppen nog niet, en dat is iets waar je aan kunt werken.
Wil je dit opbouwen in een gestructureerd programma van 14 dagen — met dagelijkse opdrachten, korte video’s en persoonlijke feedback? Dat is precies wat de Train-je-Kat Challenge biedt.
Wat kun je je kat leren?
Meer dan de meeste mensen verwachten. Een paar voorbeelden:
- Basistechnieken Doelen aanraken (targetten), op een mat plaatsnemen, zitten, komen als je roept, ergens op of afspringen. Dit zijn de bouwstenen voor alles wat daarna komt — en op zichzelf al heel waardevol voor de communicatie tussen jullie.
- Zorghandelingen Dit is waar training het meeste oplevert in het dagelijks leven. Een kat die vrijwillig zijn poten geeft voor het knippen van nagels. Die zijn bek opendoet voor de tandenborstel. Die zelf in de reismand stapt. Die rustig blijft bij de dierenarts.
Dit lijkt ver weg als je kat nu wegloopt bij de nagelschaar — maar het is stap voor stap op te bouwen. Lees meer over hoe dat werkt in Start Cooperative Care met je kat. - Verrijking en samenspel Training is ook een vorm van mentale uitdaging. Een kat die actief nadenkt tijdens een trainingssessie, verbruikt energie op een manier die hem goed doet. Dat zie je terug in een rustiger, evenwichtiger kat — zeker bij binnenkatten.
Voor kittens geldt bovendien dat training helpt bij de opvoeding: wat mag wel, wat mag niet, hoe reageer je op nieuwe situaties.
Lees meer in Zo leer je je kitten wat wel en niet mag en Vanaf wanneer kun je een kitten trainen?
Veelgemaakte fouten bij beginners
Sessies te lang maken
Vijf minuten voelt kort. Toch is dat genoeg — en vaak al te lang voor een kat die net begint. Zodra je kat afgeleid raakt, wegloopt of het voertje laat liggen, is de sessie klaar. Stop op een goed moment, niet als je kat al klaar is.
Trainen als de kat niet wil
Zonder motivatie geen training. Je kat bepaalt zelf of hij mee wil doen. Loopt hij weg? Kijkt hij de andere kant op? Draait hij zijn oren plat? Dan is dit niet het moment. Training werkt alleen als je kat vrijwillig deelneemt. Dat is geen eigenzinnigheid — het is communicatie.
Lees meer over wat er gebeurt als die lijn wordt overschreden in Waarom raakt je kat gefrustreerd tijdens trainen?
Verwachten dat het meteen klopt
Je kat leert niet in één sessie een compleet nieuw gedrag. Dat hoeft ook niet. Kleine stapjes, consequent herhaald, bouwen iets solide op. Wie na drie pogingen concludeert dat zijn kat “het gewoon niet wil”, heeft de verwachting te hoog gesteld — niet de kat overschat.
Klaar om te beginnen?
Je hebt nu genoeg om vandaag nog je eerste stap te zetten. Pak die tien voertjes en kies een goed moment uit.
Als je dat wil omzetten naar een gestructureerd fundament — met dagelijkse opdrachten die logisch op elkaar voortbouwen, en persoonlijke feedback op je voortgang — dan is de Train-je-Kat Challenge de meest logische volgende stap. Veertien dagen, elke dag een kort filmpje en een opdracht. Geen voorkennis nodig.
Wat deelnemers na de Challenge zeggen, zegt meer dan ik kan uitleggen:
“In de Train-je-Kat Challenge zet Judith je in kleine, duidelijke stapjes op weg om te starten met trainen met je kat. Een leuke uitdaging voor m’n katten en precies wat ik nodig had om m’n eigen trainingsvaardigheden te beginnen ontdekken en oefenen.”
— Anke
“Nu weten we hoe we verder moeten om andere dingen aan te leren!”
— Charlotte
Veelgestelde vragen over kattentraining
Vanaf welke leeftijd kun je een kat trainen?
Vanaf het moment dat je kitten thuis is — zo rond de 8 tot 10 weken — kun je al beginnen met de allereerste basis. Maar ook volwassen en oudere katten leren prima nieuwe dingen. Leeftijd is geen belemmering; het bepaalt hooguit het tempo en de aanpak. Lees meer in Vanaf wanneer kun je een kitten trainen?
Hoeveel tijd kost kattentraining per dag?
Twee tot vijf minuten per sessie is genoeg, zeker in het begin. Meer is niet beter — korte, positieve sessies zijn effectiever dan lange waarbij je kat afhaakt. Dagelijks oefenen helpt om een routine op te bouwen, maar een dagje overslaan is geen probleem.
Meer over hoe dat er in de praktijk uitziet lees je in Hoeveel tijd kost het trainen van een kat?
Kan ik een oudere of angstige kat ook trainen?
Ja. Juist voor angstige katten is training waardevol, omdat het voorspelbaarheid en controle biedt — precies wat een angstige kat nodig heeft. De aanpak vraagt meer geduld en kleinere stappen, maar de principes zijn hetzelfde.
Werkt dit ook als mijn kat niet zo happig is op voerbeloningen?
Dat maakt het lastiger, maar niet onmogelijk. Probeer verschillende soorten: kip, tonijn, een likje natvoer, kaas. Let ook op het moment — een kat die al verzadigd is, is minder gemotiveerd.
Als je kat écht geen voertjes aanneemt van jou, ook niet thuis in een rustige omgeving, is dat een aandachtspunt om eerst aan te werken.
Hoe lang duurt het voor een kat iets nieuws leert?
Dat verschilt enorm per kat en per gedrag. Sommige katten pakken een eenvoudige oefening in een paar sessies op; voor complexere gedragingen of katten met een moeilijke voorgeschiedenis duurt het langer.
Wat telt: consistentie en kleine stappen. Het tempo van je kat is leidend, niet jouw tijdlijn.
Moet ik een clicker gebruiken?
Nee, een clicker is handig maar niet verplicht. Je kunt ook een kort, helder woord gebruiken als markering — “ja” of “goed” werkt prima — zolang je het altijd op hetzelfde moment inzet en er direct een voerbeloning op volgt.
Wil je weten hoe je een clicker precies inzet? Lees dan Clickertraining voor katten: zo werkt het.


